Geen passend diploma? Deze routes kun je als docent laten zien

Elk jaar zit er wel een leerling in de klas die vastloopt op een formaliteit. Het verkeerde profiel gekozen, een vak laten vallen, een diploma dat net niet toegang geeft tot de opleiding waar hij heen wil.

Die leerling concludeert meestal dat het dan niet kan. Dat klopt zelden. Er zijn vijf routes en de meeste leerlingen kennen er hooguit één van.

Route 1: het ontbrekende vak alsnog halen

De kortste weg is vaak de saaiste: het vak dat ontbreekt gewoon alsnog afronden. Dat kan via een deelcertificaat bij het staatsexamen of via een avond- of dagopleiding voor volwassenen.

Voor een leerling die alleen wiskunde B of natuurkunde mist, is dat doorgaans één jaar in plaats van een hele omweg. Het nadeel is dat het tempo laag voelt als de rest van de klas doorstroomt.

Breng dit daarom vroeg ter sprake, het liefst al bij de profielkeuze in de derde of vierde. Op dat moment is het nog een keuze; in het examenjaar is het een reparatie.

Route 2: via het mbo naar het hbo

Een mbo-diploma op niveau 4 geeft toegang tot het hbo. Voor een leerling die het op het vmbo of de havo niet redde, is dat geen omweg maar een andere volgorde: eerst een vak leren, dan doorstromen.

Wat je erbij moet vertellen is dat die doorstroom sinds een paar jaar niet meer vanzelfsprekend soepel loopt. Voor sommige hbo-opleidingen gelden aanvullende eisen als de mbo-opleiding uit een andere sector komt.

Ook relevant voor het gesprek: de ervaring die een leerling in het mbo opdoet maakt een latere studiekeuze vaak scherper. Wie praktijkgericht onderwijs voor havo-leerlingen interessant vindt, heeft in het mbo doorgaans een goede match.

Route 3: de toelatingstoets voor 21-plussers

Is een leerling 21 jaar of ouder en heeft hij geen geldig diploma, dan kan hij toegelaten worden via een toelatingsonderzoek. In de wandelgangen heet dat het colloquium doctum.

Elke instelling bepaalt zelf welke vakken getoetst worden en op welk niveau en de data liggen vaak maanden vóór de reguliere aanmelddeadline. Dat laatste is waar het in de praktijk misgaat: de leerling meldt zich in mei en hoort dat de toets in maart was.

Twee vragen die altijd terugkomen. Hoe vaak mag je hem doen? Dat bepaalt de instelling zelf; veel hogescholen staan één herkansing per studiejaar toe, sommige geen. En hoe ziet hij eruit? Doorgaans een toets per vak op havo-5-niveau, met oefenmateriaal dat de instelling zelf verstrekt.

Wie wil weten wat er bij zo'n 21+ toets gevraagd wordt en hoe de voorbereiding eruitziet, vindt daar inmiddels goede uitleg over. Jouw rol is vooral om het bestaan ervan te noemen en de deadline erbij te zetten.

Voor leerlingen die nog geen 21 zijn is dit geen optie. Dat is precies waarom route 1 en 2 eerder in het gesprek horen.

Route 4: de Associate degree, die bijna niemand noemt

Tussen het mbo en de hbo-bachelor zit een tweejarige opleiding: de Associate degree. Toegang heb je met een mbo-4-diploma of een havo- of vwo-diploma en na afloop kun je doorstromen naar het derde jaar van de bijbehorende bachelor.

Voor een leerling die twijfelt of vier jaar hbo haalbaar is, is dat een serieuze tussenstap met een eigen diploma aan het eind. Niet een afgezwakte bachelor, maar een kortere opleiding met een eigen arbeidsmarktwaarde.

Het aanbod verschilt sterk per regio en per sector, dus dit is er één om samen met de leerling op te zoeken in plaats van uit het hoofd te noemen.

Route 5: een schakeljaar of voorbereidend jaar

Veel hogescholen en universiteiten bieden schakel- of voorbereidende programma's aan voor wie de vooropleiding net niet heeft. Dat kost een jaar, maar het eindigt wel in een gegarandeerde plek.

Deze programma's staan zelden prominent op de website van de instelling; ze zitten vaak onder 'toelating' of 'instromers'. Een leerling vindt dat niet zelf.

Voor de harde kaders is de toelatingsregels van de Rijksoverheid het startpunt; de uitwerking verschilt per instelling en daar moet je dus altijd doorklikken.

Het echte struikelblok is de tijdlijn, niet de regel

Alle routes hierboven stranden in de praktijk op hetzelfde: de leerling ontdekt ze te laat. Toelatingsonderzoeken, schakelprogramma's en deelcertificaten hebben eigen inschrijfmomenten die niet meebewegen met het examenrooster.

Eén datum verdient apart aandacht: 1 mei. Wie zich daarvóór aanmeldt voor een hbo- of wo-opleiding houdt zijn recht op toelating en op een studiekeuzecheck. Daarna vervalt dat recht en beslist de opleiding of er nog plek is.

Een leerling die in juni zijn diploma niet haalt en in juli gaat uitzoeken wat er mogelijk is, komt op zijn vroegst een jaar later binnen. Dezelfde leerling die in februari één gesprek had gehad, was in september begonnen.

Zet die momenten daarom één keer per jaar op papier voor je eigen sectie of mentorteam. Het hoeft geen beleidsstuk te zijn; een A4 met vier routes en vier deadlines doet het werk.

Wat jij kunt doen zonder decaan te zijn

Je hoeft deze routes niet tot in detail te kennen. Je hoeft alleen te voorkomen dat een leerling denkt dat hij klaar is met kiezen voordat hij begonnen is.

Drie zinnen zijn vaak genoeg: er zijn meer wegen dan deze ene, de deadlines liggen eerder dan je denkt en ga erover praten met de decaan. Platformen als Studiekeuzelab zetten dit soort routes op een rij in taal die scholieren zelf lezen, wat een gesprek een stuk makkelijker maakt.

En let op het moment. Een leerling die net een slecht cijfer heeft gehaald staat niet open voor een routekaart. Een week later wel.

VorigeFons Vitae wint rechtszaak van moeder die eist dat zoon op havo kan blijven
Reacties (0)

Er zijn bij dit artikel nog geen reacties geplaatst

Laat een reactie achter