Het Fons Vitae Lyceum in Amsterdam hoeft een 13-jarige brugklasser niet te laten overgaan naar 2 havo. De kortgedingrechter heeft de eis van zijn moeder afgewezen. Volgens haar schoot de school tekort in de begeleiding van haar zoon. De rechter vindt het overgangsbesluit echter zorgvuldig en voldoende onderbouwd. Omdat Fons Vitae geen vmbo aanbiedt, moet de jongen naar een andere school.
Vier onvoldoendes
De leerling begon in een brugklas voor havo en vwo. Zijn basisschool had aangegeven dat havo haalbaar was, mits hij voldoende taalondersteuning kreeg. Aan het einde van het schooljaar stonden er vier onvoldoendes op zijn rapport, waaronder voor Nederlands en wiskunde. Die cijfers vormden niet de enige grond voor het besluit. Tijdens de docentenvergadering zijn ook zijn werktempo, begrip van de lesstof en snelheid van leren meegewogen. De docenten besloten unaniem hem niet te laten overgaan.
Volgens de moeder wist de school bij toelating dat haar zoon moeite had met Nederlands, maar kreeg hij vervolgens onvoldoende hulp. Ook zou zij te laat zijn gewaarschuwd voor een mogelijke overstap. De mentor had in januari al gemeld dat de resultaten achterbleven en geadviseerd andere scholen te bekijken. Toen de mentor wilde overleggen over extra taalondersteuning, antwoordde de moeder dat haar zoon al voldoende hulp kreeg van een externe docent. Volgens de rechter heeft de school hem voldoende begeleid.
Persoonlijke omstandigheden
De moeder wees daarnaast op een zwaar jaar: haar zoon werd gepest en zijn oma belandde op de intensive care. De rechter oordeelt dat de school adequaat op het pesten heeft gereageerd. Ook kreeg de leerling meerdere herkansingen, hoewel dat in het eerste leerjaar niet gebruikelijk is.
De rechter kan bij een overgangsbesluit alleen ingrijpen wanneer dat onzorgvuldig, overduidelijk onjuist of onbegrijpelijk is. Daarvan was hier geen sprake. De school volgde haar overgangsnormen en maakte een begrijpelijke afweging.
Ingrijpende uitkomst voor leerling en gezin
De moeder moet 2101 euro proceskosten betalen. Zij is teleurgesteld en bespreekt met haar advocaat een mogelijk hoger beroep. Rector Jeroen Oomen ziet de uitspraak als bevestiging van zorgvuldig handelen, maar benadrukt ook de impact op de leerling.
Er zijn bij dit artikel nog geen reacties geplaatst