De Algemene Onderwijsbond ziet weinig in het kabinetsplan om jeugddelinquenten ter beschikking van het onderwijs te stellen. Staatssecretarissen Dekker en Teeven sluisden het plan gisteren door de Ministerraad. 'Als het plan tot wasdom komt, gaat het voor grote problemen zorgen,' stelt AOb-voorzitter Walter Dresscher. 'Veroordeelde jongeren kennen vaak enorme problemen. Het regulier onderwijs kan die niet voor ze oplossen. Daar heb je specialisten voor nodig.'

Als het kabinet met dit plan bij de AOb had aangeklopt, dan had Dresscher ze graag uitgelegd waarom de vakbond niets ziet in dit voorstel. 'Onderwijs geven aan veroordeelde jongeren is echt een andere tak van sport dan les geven in het normale voortgezet onderwijs. In het vo is het al bar en boos met de werkdruk. Dit kan een leraar er echt niet bij hebben. Jeugddelinquenten opvangen in de klas heeft ook enorme gevolgen voor de groepsdynamiek. Daarom is het een erg slecht plan en dat had ik ze graag laten weten, maar volgens goed gebruik gooit het kabinet weer een idee over de schutting zodat het onderwijs het mag oplossen.'

Uiteraard is Dresscher van mening dat jonge veroordeelden recht hebben op goed onderwijs. 'Dat je mensen met zulke problemen probeert via het onderwijs een uitweg te bieden, is een maatschappelijke plicht. Maar daar heb je wel maatwerk voor nodig. Jeugdgevangenissen hebben onderwijsprogramma's met leraren en begeleiders die gespecialiseerd zijn in werken met deze groep. Investeer daar vooral in, maar denk niet dat de gewone vo-school dit wel even voor elkaar krijgt. Met dit plan bewijst het kabinet niemand een dienst: het voortgezet onderwijs krijgt er een probleem bij en de jongeren om wie het gaat worden niet verder geholpen.'