De Eerste Kamer heeft de herziening van de Wet SLOA goedgekeurd. Dit betekent dat toetsinstituut Cito en de Stichting Leerplanontwikkeling (SLO) als enige de wettelijke taak hebben om de regering te ondersteunen en adviseren over het ontwikkelen van de centrale toetsen en examens en de onderwijsinhoud.

De herziening van de Wet SLOA (subsidiëring landelijke onderwijsondersteunende activiteiten) betekent ook dat andere organisaties dan Cito en SLO geen rijkssubsidie meer kunnen krijgen voor onderwijsondersteunende activiteiten.

Het geld voor praktijkgericht onderwijsonderzoek is uit de Wet SLOA gehaald. Dit budget wordt gebundeld met andere middelen voor onderwijsonderzoek. Het wordt niet meer verdeeld onder de landelijke pedagogische centra en adviesbureau CINOP. De coördinatie van deze geldstroom komt in handen van een regieorgaan, dat onder de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) valt.