Onderzoek: wat regionale onderwijssamenwerking effectief maakt

Nu onderwijsregio’s een centrale plek krijgen in het landelijke onderwijsbeleid, verschijnt het onderzoek Samenwerken aan een groter goed. Impact maken met regionale sturingsnetwerken in het onderwijs. Vandaag wordt de publiekssamenvatting in Den Haag gelanceerd en overhandigd aan vertegenwoordigers van het ministerie van OCW. De publicatie komt op een moment waarop regionale samenwerking in het onderwijs niet langer vrijblijvend is, maar uitgroeit tot een bestuurlijke hoofdroute voor belangrijke onderwijsvraagstukken zoals bijvoorbeeld het opleiden en professionaliseren van leraren, begeleiding van jongeren bij hun overstap van school naar werk en het hoofd bieden aan lerarentekorten. De actualiteit maakt de vraag achter dit onderzoek urgent: wat maakt regionale sturingsnetwerken in het onderwijs daadwerkelijk effectief?

Aansturen van samenwerking cruciaal

De gezamenlijke slagkracht van een regionaal netwerk hangt vooral af van hoe goed het samenwerkt en dit wordt aangestuurd. Een gedeelde visie is daarbij belangrijk, net als onderling vertrouwen en het open uitwisselen van ideeën, kennis en informatie. Wanneer dit goed verloopt, werkt het netwerk effectiever. Die effectiviteit vergroot vervolgens de impact die het netwerk kan hebben op de onderwijspraktijk.

De overlap tussen verschillende netwerken doet ertoe

Onderwijsbesturen zijn vaak betrokken bij meerdere netwerken tegelijk. Soms werken die netwerken rond vergelijkbare onderwerpen of met dezelfde mensen en organisaties. Hoe deze netwerken elkaar overlappen, heeft invloed op hoe goed zij kunnen samenwerken en zich verder kunnen ontwikkelen. Vooral netwerken die maar deels dezelfde deelnemers of onderwerpen hebben, staan voor een grotere uitdaging om hun gezamenlijke slagkracht te versterken.

Citaat namens het onderzoeksteam

“Regionale sturingsnetwerken zijn niet alleen een organisatorische oplossing. Ze zijn ook een bestuurlijke test: lukt het autonome onderwijsorganisaties om over hun eigen grenzen heen samen te werken aan een groter goed? Dat vraagt meer dan overlegtafels. Het vraagt om stevige sturing, heldere keuzes, betrouwbaar partnerschap en het nakomen van afspraken.”

Handreikingen voor de praktijk:
Bestuurders kunnen bijdragen aan slagvaardige regionale netwerken door zich actief op te stellen, te zorgen voor professionele netwerkcoördinatie om het gezamenlijke belang van het netwerk te bewaken en samenwerking te ondersteunen en door goede afstemming tussen de verschillende regionale netwerken. Voor beleidsmakers is het belangrijk om de regionale sturingsnetwerken een lange-termijnperspectief te bieden om stap voor stap tot effectief functioneren te komen. Dit kan door consistent (financieel) beleid dat samenwerking in de regio stimuleert en onderwijsbesturen de ruimte te laten om hun eigen samenstelling te bepalen.

De publiekssamenvatting Samenwerken aan een groter goed. Impact maken met regionale sturingsnetwerken in het onderwijs is geschreven door de onderzoekers Sietske Waslander, Edith Hooge, Henno Theisens en Tim de Leeuw. Het bundelt de belangrijkste inzichten uit vijf jaar onderzoek naar 29 regionale sturingsnetwerken in het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs. Het onderzoek richt zich op de vraag wat zulke netwerken effectief maakt en wat ervoor nodig is om impact te genereren in de onderwijspraktijk.

In het onderzoek zijn onder meer 209 netwerkleden en onderwijsbestuurders bevraagd, 38 netwerkcoördinatoren geïnterviewd en bevindingen gevalideerd in bijeenkomsten met onderwijsbestuurders. Ook zijn beleidsdocumenten geanalyseerd en dachten internationale experts mee over opzet en interpretatie van de bevindingen.

Tijdens de lancering wordt de publiekssamenvatting overhandigd aan Henrike Karreman, directeur middelbaar beroepsonderwijs bij het ministerie van OCW, en Inge Vossenaar, directeur-generaal funderend onderwijs bij het ministerie van OCW. Aansluitend vindt een panelgesprek plaats met vertegenwoordigers van OCW, PO-Raad, VO-raad en MBO Raad.

Samenwerken aan een groter goed is een gezamenlijke uitgave van TIAS School for Business and Society, RICDE van de Universiteit van Amsterdam en De Haagse Hogeschool. De publicatie is mede mogelijk gemaakt met financiering van NRO en aanvullende financiering van de PO-Raad.

VorigeVeiligheidsbewustzijn en voorbereiding binnen het onderwijs
Volgende2 jaar gratis peuterspeelzaal in Den Haag, wat heeft het opgeleverd?
Reacties (0)

Er zijn bij dit artikel nog geen reacties geplaatst

Laat een reactie achter