Vrije Universiteit Brussel ziet af van aanstelling extremist Harry Pettit

De Vrije Universiteit Brussel heeft besloten de eerder aangekondigde aanstelling van de Britse sociaal geograaf Harry Pettit toch niet door te laten gaan. Dat besluit volgt na opnieuw zeer felle online uitlatingen van Pettit over Israël, de Verenigde Staten en de verdediging van het Iraanse regime. De casus laat, opnieuw, het ongemakkelijke spanningsveld zien waarin universiteiten opereren, ergens tussen academische vrijheid, wettelijke grenzen en de zorg voor een sociaal veilige leer- en werkomgeving waar door extremisten als Pettit dankbaar gebruik van gemaakt wordt.

Korte voorgeschiedenis

Pettit is een Britse sociaal geograaf die onlangs nog een ruime onderzoeksbeurs uit het Europese ERC programma toegekend kreeg, ongeveer anderhalf miljoen euro, waarmee hij zijn onderzoek in Brussel dacht te kunnen uitbouwen. Tot november vorig jaar werkte hij als docent aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Daar kwam hij in opspraak na berichten op sociale media over de oorlog in Gaza en de aanval van Hamas op zeven oktober, die hij omschreef als een wettige daad van verzet. Ook pleitte hij voor het ontmantelen van de staat Israël. Na een traject van enkele maanden, zo meldde Radboud Universiteit, vertrok hij via een vaststellingsovereenkomst. Een petitie waarin hem werd gevraagd afstand te nemen van zijn uitspraken werd meer dan tienduizend keer ondertekend, terwijl een andere groep medewerkers en studenten juist een steundemonstratie organiseerde. De academische gemeenschap in Nijmegen was destijds hoorbaar verdeeld.

Van aankondiging tot afzegging in enkele dagen

Recent meldde de vice rector van de Vrije Universiteit Brussel op LinkedIn dat Pettit vanaf augustus in Brussel zou starten, waarmee voor hem een nieuwe academische fase leek te beginnen. Nauwelijks een paar dagen later volgde echter een persbericht waarin de universiteit bekendmaakte van de geplande aanstelling af te zien. Volgens de VUB heeft Pettit online uitlatingen gedaan die niet alleen in strijd zijn met gemaakte afspraken rond zijn komst, maar ook kunnen worden opgevat als het aanzetten tot haat of geweld. De instelling benadrukt in dezelfde verklaring dat zij pal staat voor vrijheid van meningsuiting, ook als het om controversiële standpunten gaat, maar dat er een duidelijke grens ligt waar de wet en de eigen waarden van de universitaire gemeenschap worden overschreden.

Uitspraken die de grens overschreden

De recente berichten van Pettit op X, richten zich onder meer op Israel, dat hij consequent tussen aanhalingstekens plaatst en op de Verenigde Staten, die hij samen omschrijft als de ultieme reïcarnatie van het kwaad dat verslagen moet worden. Eerder schreef deze onnozele al dat het tijd is om af te maken waar de Palestijnen op zeven oktober mee begonnen zijn en dat hij niet stopt voordat Israël verdwenen is. Daarnaast prees hij ayatollah Ali Khamenei, de recent gedode geestelijk leider van Iran, als iemand die het opnam tegen een zogenoemde pedofiele kliek in de Verenigde Staten en Israël. Khamenei, maar ook Hamasleider Yahya Sinwar en Hezbollahleider Hassan Nasrallah, zouden volgens Pettit toekomstige generaties inspireren tot verzet tegen wat hij de demonische krachten van het zionisme noemt. Het is precies deze combinatie van verheerlijking, vijandbeelden en strijdtaal die de VUB er, terecht, toe bracht de stekker uit de aanstelling te trekken.

Spanningsveld voor onderwijsinstellingen

Voor bestuurders, opleidingsdirecteuren en docenten raakt deze zaak aan herkenbare vragen. Universiteiten zijn plaatsen waar scherpe analyses en stevige kritiek mogelijk moeten zijn, zeker rond uiterst beladen internationale conflicten. Tegelijkertijd hebben instellingen een zorgplicht richting studenten en medewerkers die zich veilig moeten kunnen voelen, ongeacht hun achtergrond of politieke overtuiging. Ook in Nederland speelden eerder Kamervragen over de uitspraken van Pettit, waarbij de toenmalige minister Bruins zijn woorden abject noemde, maar er expliciet op wees dat het niet aan hem was om een strafrechtelijk oordeel te vellen. In de praktijk komen universiteiten terecht op een smalle richel waar vrijheid van meningsuiting, de eigen gedragscode en maatschappelijke verwachtingen elkaar soms hard raken. De casus Pettit laat zien hoe snel sociale media uitingen kunnen uitmonden in formele stappen, tot en met het terugdraaien van een zorgvuldig voorbereide aanstelling. Voor de betrokken onderzoeker betekent dit dat zijn met Europees geld gefinancierde onderzoeksproject voorlopig zonder duidelijke institutionele inbedding is en dat zijn academische toekomst aanzienlijk onzekerder is geworden.

VorigeDoe mee aan onderzoek naar de HoorToren: Gezond luisteren begint vroeg
VolgendeROC Mondriaan start met structureel AI-coachnetwerk
Reacties (0)

Er zijn bij dit artikel nog geen reacties geplaatst

Laat een reactie achter