Liefdesverdriet verwerken is iets dat voor iedereen lastig is. In de puberteit wordt liefdesverdriet echter net iets anders ervaren dan bij volwassenen.

Onderzoekers dachten in het verleden dat onze hersens nog flink in ontwikkeling waren in de eerste jaren van het leven. Echter kun je dit beter een herstructurering van het brein noemen. Zo zal een deel van het brein afsterven en wordt een ander deel van het brein versterkt. Het gedeelte van het brein dat meer gebruikt wordt is het sterkst. Tijdens de puberteit vindt een belangrijk deel van deze herstructurering plaats.

Als je dit combineert met extreme emoties als euforie, fysieke pijn of liefdesverdriet, worden er zeer heftige emoties ervaren. Het is dan ook niet ongebruikelijk dat een puber dagenlang op bed blijft liggen of tot extreme acties overgaat als er sprake is van liefdesverdriet. Iets dat volwassenen gemakkelijker kunnen controleren.

Omgaan met liefdesverdriet
Voor een puber is het nog belangrijker dan bij volwassenen om echt even stil te staan bij deze levensveranderende ervaring. Als je veel tijd met iemand hebt doorgebracht, is het immers ingrijpend als daar een einde aankomt. Ook kan dit de eerste keer zijn dat hij of zij het hart heeft gebroken, dit maakt emoties heftiger dan bij iemand die meer levenservaring heeft.

Met liefdesverdriet kun je op verschillende manieren omgaan. Belangrijk is om de balans te vinden in het zoeken van afleiding en het op een rustige manier verwerken van liefdesverdriet. Tuurlijk is het prima om een avondje met vrienden op pad te gaan. Tegelijkertijd is het goed om voldoende rust te nemen en tot bezinning te komen. Zo kun je daarna in rustiger vaarwater komen en ontstaat er een nieuwe horizon.

Voor ouders is het lastig om hier een rol in te spelen. Belangrijk is om ondersteunend te zijn en tegelijk ook kalm te blijven. Zeker met kinderen in de puberteit kan het lastig zijn om door te dringen. Probeer het contact niet te forceren en je op de achtergrond te zetten, tenzij er behoefte is aan een gesprek of ondersteuning. En onthoud: net als bij volwassenen is iedere puber anders.