Ministers Ingrid van Engelshoven en Arie Slob (onderwijs) investeren in Nederlands onderwijs in het buitenland. Jaarlijks trekken zij hier € 3 miljoen voor uit. Door deze investering kunnen wereldwijd ruim 14.000 Nederlandse en Vlaamse kinderen les krijgen in hun moedertaal.

Van Engelshoven maakte dit vandaag bekend tijdens een ontmoeting met haar Vlaamse collega Crevits in Brussel: “Duizenden Nederlandse en Vlaamse kinderen gaan naar school in het buitenland. Het is belangrijk dat zij goed onderwijs krijgen in het Nederlands. Deze kinderen komen namelijk vaak weer terug naar Nederland of Vlaanderen, en kunnen dan zo probleemloos mogelijk instromen in het onderwijs. Deze investering helpt bij een soepelere schoolloopbaan van deze groep leerlingen.”

Herstel
Het vorige kabinet heeft in 2013 besloten tot een bezuiniging op het Nederlands onderwijs in het buitenland. De Inspectie van het Onderwijs concludeerde dit jaar dat door de bezuinigingsmaatregelen een toenemend aantal Nederlandse scholen in het buitenland haar deuren moest sluiten. Met ingang van het schooljaar 2016/2017 volgden minder Nederlandse en Vlaamse kinderen in het buitenland les in het Nederlands. Met deze impuls draait het huidige kabinet dit besluit terug. Door de jaarlijkse investering van € 3 miljoen wordt de situatie weer hersteld. Het geld wordt ingezet als een subsidiebedrag per leerling.