Bijna de helft van de jonge leraren overweegt te stoppen. Ze vinden de werkdruk veel te hoog en hun carrièremogelijkheden te gering. Ook klagen zij over gebrek aan begeleiding en voelen ze zich onvoldoende voorbereid op de dagelijkse praktijk.

Dat blijkt uit een enquête van CNV Onderwijs en het AD onder ruim zeshonderd leraren tussen de 20 en 35 jaar. Bijna de helft van de docenten heeft het gevoel in het diepe te worden gegooid na de lerarenopleiding. Evenzoveel leerkrachten geeft aan dat hun passie voor het lerarenvak is afgenomen, nadat ze hun carrière zijn gestart.
Het is voor 46 procent reden te twijfelen over een toekomst als docent. Hiervan weet één op de zeven het al zeker: ze gaan stoppen.

'In een tijd waarin we met man en macht op zoek zijn naar leraren kunnen we dit niet gebruiken,' zegt Joany Krijt, vice-voorzitter van CNV Onderwijs. Ze noemt de resultaten schokkend. 'Alle zeilen moeten worden bijgezet om de jonge leraar te behouden. Want haken ze af, dan krijgen we ze nooit meer terug. De toekomst van ons land hangt ervan af. Dat moeten vooral schooldirecties zich aantrekken. Zij zijn verplicht jonge docenten meer tijd en ruimte te gunnen en minder te belasten met randzaken.'

Het ministerie van Onderwijs heeft eind vorig jaar tientallen miljoenen uitgetrokken om jonge leraren te helpen. Volgens Paul Rosenmöller, voorzitter van de sectororganisatie voor het voortgezet onderwijs, is dat geld erg welkom, maar door alle bezuinigingen ook hard nodig. 'De werkdruk is in de afgelopen jaren flink toegenomen. Daar moet wat aan gebeuren. Daarom moeten schoolleiders en bestuurders vol inzetten op intensieve begeleiding van jonge docenten en op een bewust personeelsbeleid. Dat is cruciaal. Zeker met een dreigend lerarentekort.'

Die gebrekkige begeleiding ervaart 47 procent van de leraren. Ze voelen zich door de school 'in het diepe gegooid' en klagen over de betaling en werkdruk. Dat leidt ertoe dat de helft van de ondervraagden minder zin heeft in het werk: 44 procent zegt 'minder passie te voelen' voor het leraarschap dan bij aanvang van hun carrière.