De PO-Raad en de VO-raad hebben op dinsdag 4 juni een brief gestuurd aan staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs) naar aanleiding van de uitwerking van twee moties die de Tweede Kamer heeft aangenomen na het Algemeen Overleg over passend onderwijs. Die plannen kunnen de continuïteit van het onderwijs in de weg staan, waarschuwen de raden in de brief

In de motie Ypma wordt de Regering gevraagd om een wetsvoorstel voor te bereiden waarin geregeld wordt dat het handelingsdeel (ondersteuning en zorg voor het kind) van het ontwikkelingsperspectief na overeenstemming met ouders wordt vastgesteld.

De beide raden benadrukken nogmaals het belang van ouderbetrokkenheid bij het opstellen van het ontwikkelingsperspectief maar vinden het jammer dat het onderwijsveld niet de tijd krijgt om de wet na te leven: nog voordat de wet in werking treedt, ligt er een verzoek om met een nieuw wetsvoorstel te komen. Het onderwijsveld pleit voor enige continuïteit in het beleid: In het onderwijsveld wordt hard gewerkt aan de voorbereiding op passend onderwijs. Deze tussentijdse maatregel leidt tot frustratie in dit toch al complexe proces.

Hoogbegaafdheid

De tweede motie gaat over hoogbegaafdheid. In deze motie verzoekt de Kamer de regering om (uiterlijk voor 1 oktober 2013) voorstellen te doen over hoe hoogbegaafdheid meegenomen kan worden bij de verdere invoering van passend onderwijs. De PO-Raad en VO-raad kunnen zich vinden in de strekking van deze motie, ook deze groep leerlingen moet in staat worden gesteld alle talenten te ontwikkelen. Wel is het van groot belang dat het onderwijs dan ook ruimte en middelen beschikbaar gesteld krijgt om dit voornemen daadwerkelijk te kunnen realiseren.

Wij verzoeken de staatssecretaris bij de uitwerking van de moties rekening te houden met bovengenoemde opmerkingen, ervaringen.