Zowel in het primair- als in het voortgezet onderwijs moet het opleidingsniveau van leraren worden verhoogd. Ingangsselectie bij de lerarenopleiding is daarvoor een noodzakelijke voorwaarde. Dat zegt de Utrechtse hoogleraar Onderwijskunde Theo Wubbels.

Onderwijsstelsels die het goed doen worden onder meer gekarakteriseerd door veel autonomie voor scholen en hun leraren. Vanuit dat oogpunt is het goed te begrijpen dat er in Nederland om meer autonomie voor leraren wordt gevraagd en minder regelzucht vanuit de onderwijsmanagers en Den Haag. Zet dus niet in op landelijke leerlingvolgsystemen en een Citotoets om de kwaliteit van ons onderwijs in de gaten te houden, maar geef de leraren vertrouwen.

Laag niveau

In die redenering zou je ook de lerarenopleidingen veel meer vertrouwen moeten schenken en hen niet moeten opzadelen met verplichte kennisbases of centrale examinering. De geschiedenis heeft helaas geleerd dat we er met dergelijk vertrouwen tot nu toe niet gekomen zijn. Het niveau van de opgeleide leraren is te laag om ze aan alle eisen te laten voldoen die nodig zijn om hun taken goed te vervullen.

Leraren moeten niet alleen op didactisch en pedagogisch gebied op hoog niveau kunnen functioneren, ze moeten ook in staat zijn om de beste leerlingen uit te dagen, de zwakkere leerlingen voldoende ondersteuning te bieden in hun leerproces en ze moeten competent zijn om sociale problemen in de klas, zoals pesten of een hardnekkige straatcultuur de baas te kunnen. Last but not least hebben ze ook een flinke dosis vakkennis nodig.

Zolang dit alles niet op orde is zal meer autonomie voor leraren eerder tot slechter dan tot beter onderwijs leiden. Een ander kenmerk van onderwijssystemen die goed presteren is tenslotte de hoge kwaliteit van leraren en het uitstekende onderwijskundig leiderschap van de schoolleiding. Onderzoek van bijvoorbeeld de onderwijsinspectie laat zien dat er op deze gebieden veel verbetering mogelijk en nodig is.

Oplossing

Als meer autonomie op dit moment niet de oplossing is, wat dan wel? Kort gezegd moet eerst de kwaliteit van de leraren, schoolleidingen en lerarenopleiders omhoog. Lerarenopleidingen zijn cruciaal voor het verbeteren van de kwaliteit van leraren en hebben daarbij om te gaan met het Mattheus-effect: ‘Want wie heeft zal nog meer krijgen, en wel in overvloed, maar wie niets heeft, hem zal zelfs wat hij heeft nog worden ontnomen’ zegt Mattheus 25, vers 29. Vertaald naar het onderwijs zegt dit effect dat de afstand tussen sterke en zwakke leerlingen en sterke en zwakke studenten steeds groter wordt in de loop van de school- of studieloopbaan.

Het vermogen van de lerarenopleiding om goede leraren af te leveren is daardoor sterk afhankelijk van de kwaliteit van de instroom. Willen we de beste leraren opleiden dan moeten we de toelating van de lerarenopleiding voorbehouden aan de beste leerlingen uit het voortgezet onderwijs, want die zullen het meest profiteren van een goede opleiding.

Selectie aan of vlak na de poort is noodzakelijk. Laat slechts vwo’ers en de beste havoleerlingen toe en bij hoge uitzondering kandidaten uit het MBO. Bijkomend voordeel van dergelijke selectie is dat de status van het leraarschap omhoog gaat omdat een selectieve opleiding nu eenmaal aantrekkelijker is om te volgen.

Het nadeel van selectie, een periode grotere tekorten aan leraren, zullen we op de koop toe moeten nemen. Het lerarenbeleid is de laatste jaren vooral gericht geweest op de aanpak van kwantitatieve lerarentekorten. Hierbij is de kwaliteit van het onderwijs te veel uit het oog verloren.

Op dit moment heeft slechts 15% van de docenten in het primair onderwijs en 35% van de docenten in het voortgezet onderwijs een masteropleiding. Dat moet omhoog zonder de kwaliteit van de mastergraad aan te passen. Om dat laatste te garanderen moet de toegang tot die masteropleidingen ook zeer selectief zijn.

Professionaliteit

Een onderwijssysteem verbeteren lukt niet door aan een knop van dat systeem te draaien. Alleen selectie is niet genoeg; alleen autonomie vergroten ook niet. Er moet in samenhang aan verschillende knoppen gedraaid worden en in de goede volgorde.

Verhoog de professionaliteit van de leraar zodat hen meer autonomie geven mogelijk wordt. Versterk de aantrekkelijkheid van het leraarschap, zodat de instroom in de opleiding aantrekkelijker wordt voor onze beste studenten. Versterk de kwaliteit van de lerarenopleiders zodat hen meer autonomie gegeven kan worden. Versterk het vermogen van schoolleiders om onderwijskundig leiderschap in te zetten zodat ook hen meer autonomie gegeven kan worden.

De invoering van wettelijk verankerde landelijk registers voor schoolleiders, lerarenopleiders en leraren met hoge eisen voor het behoed van registratie is dan ook een noodzakelijk middel."

Prof. Dr. T. Wubbels is decaan van de Faculteit Sociale Wetenschappen en hoogleraar Onderwijskunde