Op veel scholen lopen de leerlingenaantallen terug. Die krimp hoeft echter niet tot gedwongen ontslagen te leiden, leert de praktijk van rayonbestuurders van de AOb. “Door ons sociaal plan gingen er voldoende mensen vrijwillig weg, waardoor alle ontslagen van tafel konden. Dat hebben we gevierd met taart.”

Slechter dan bij de scholen van de stichting Marenland wordt het niet snel, wat betreft de terugloop van het aantal leerlingen. Goed, veel basisscholen in het hele land krimpen op dit moment. Maar de meeste scholen van Marenland liggen in het gebied rond Delfzijl, waar de ontgroening het hardste toeslaat. Volgens de prognoses verliest Marenland in totaal een derde deel van haar leerlingen.

Sociaal plan
Door de terugloop hebben al zestig mensen de scholen van Marenland verlaten. Maar het mooie is: geen van de vertrekkers ging echt tegen zijn of haar zin weg. De krimp is opgevangen zonder gedwongen ontslagen. Zelfs zonder dat er mensen in het RDDF (risicodragende deel van de formatie – het voorportaal van ontslag) hoefden te worden geplaatst. Het geheim? Een goed sociaal plan.

Door dit plan konden de leraren van Marenland bijvoorbeeld opleidingen volgen voor functies in het speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs, waar nog wel vacatures zijn. Andere leraren maakten gebruik van de mogelijkheid om vervroegd met pensioen te gaan, of om bijvoorbeeld – met ondersteuning - een eigen bedrijf te starten. “Er zijn mensen aan de slag gegaan als zelfstandig onderwijsadviseur of leerlingbegeleider”, zegt Dick Henderikse, directeur van Marenland. “Van sommigen nemen we een jaar lang diensten af, zodat ze een goede start kunnen maken.”

Koud ontslagbeleid
Dergelijke sociale plannen zijn niet standaard in het basisonderwijs. Was het maar waar, zegt AOb-rayonbestuurder Nasera Azzouz. In veel gevallen kiezen werkgevers voor simpel en koud ‘ontslagbeleid’. Daarbij wordt berekend hoeveel leerkrachten er door de krimp uit moeten, waarna vaak op basis van last in, first out wordt becijferd wie de klos is. Deze mensen worden in het risicodragende deel van de formatie gezet, en een jaar later gedwongen ontslagen.

Jonge leerkrachten
Dat is weinig sociaal ten opzichte van jongere leerkrachten, die door last in, first out doorgaans als eerste worden ontslagen. En zij komen elders in een krimpregio natuurlijk ook moeilijk aan een nieuwe baan. Azzouz: “Die jongeren gaan door zo’n ontslag verloren voor het onderwijs. Dat is zonde.”

De reden dat werkgevers vaak toch een ‘koud’ ontslagbeleid hanteren, is dat je als werkgever makkelijker van je personeel lijkt af te komen. Want bij ontslagbeleid blijven de vertrekkers, na in het RDDF te zijn geplaatst, maximaal nog slechts één jaar op de loonlijst staan. Bij een sociaal plan is dat vaak twee jaar. Tenminste in theorie, want de grap is dat leraren bij een sociaal plan in de praktijk veel sneller weggaan dan leraren die verplicht ontslagen worden. AOb-rayonbestuurder Eugenie Stolk: “Een sociaal plan kost geld, maar verdient zich op die manier vaak terug.”

Vertrekbonus
In veel sociale plannen wordt ook een financiële bonus gezet op snel vertrek. Riekje Meijering, directeur van het bestuur Allure in Opmeer, kent dit ‘inverdieneffect’ (het effect dat mensen eerder weggaan dan de maximale termijn die op papier staat). “In januari 2012 zijn we een reorganisatie gestart, waarbij we vijftien leerkrachten in het risicodragende deel van de formatie hebben gezet. Maar er maakten zoveel oudere leerkrachten gebruik van de vertrekmogelijkheden in het sociaal plan, dat er geen ontslagen meer nodig waren. Iedereen die in het risicodragende deel van de formatie stond, kon blijven. Dat hebben we met bloemen en taart gevierd.”

Gouden handdruk
De inhoud van sociale plannen is altijd maatwerk, maar de twee belangrijkste regelingen zijn doorgaans: een vertrekpremie en een premie om minder te gaan werken. Denk bij zo’n vertrekpremie niet aan een gouden handdruk á la de top van het bedrijfsleven, waarschuwt AOb-rayonbestuurder Stolk. “Maar iemand die heel snel besluit weg te gaan, krijgt soms wel eens acht maandsalarissen mee. Vooral ouderen maken gebruik van die vertrekpremies, waarmee ze de WW - die ze in sommige gevallen na hun vertrek krijgen - kunnen aanvullen tot aan hun pensioen.”

Minder werken
Ook maken ouderen nogal eens gebruik van de mogelijkheid om minder uren te gaan werken, al dan niet gestimuleerd met een premie. Dat is ook voor mensen met jonge kinderen aantrekkelijk, zegt Stolk. “Ik ken vrouwen voor wie zo’n sociaal plan net het zetje is om uren in te leveren.

Elders aan de slag
Daarnaast kunnen werknemers in zo’n sociaal plan op allerlei manieren worden ondersteund om elders aan de slag te gaan. AOb-rayonbestuurder Azzouz: “Je kunt leerkrachten helpen bij de aflossing van hun hypotheek als ze willen verhuizen naar een regio waar meer banen zijn. Ik ken ook een conciërge die een lasapparaat van tienduizend euro meekreeg om een eigen zaak te beginnen. De regelingen die we in zo’n sociaal plan afspreken, verschillen per bestuur.”

Emotioneel
Het kost soms wel wat tijd voordat docenten en OOP’ers in zo’n plan gaan geloven, merkt Stolk van de AOb. Want hard ontslagbeleid – last in, first out, zonder sociaal plan – heeft gek genoeg ook voordelen. In elk geval emotioneel. “Bij zo’n beleid worden de jongeren doorgaans als eerste ontslagen, dus de mensen met een behoorlijk aantal dienstjaren zitten goed. Die hoeven zich geen zorgen te maken”, zegt Stolk.
Bij een warme reorganisatie, met sociaal plan, moet iedereen gaan nadenken over zijn of haar toekomst. Als dat sociaal plan niet het gehoopte aantal vertrekkers oplevert, is er vervolgens toch een ontslagfase nodig. En bij die ontslagen kunnen dan ook de ouderen aan bod komen. Bijvoorbeeld omdat wordt afgesproken om de ontslagen per leeftijdscategorie over de organisatie te verdelen. Dat is even slikken, weet Stolk. “Dat geeft onzekerheid, maar die zorgt er ook voor dat mensen gaan nadenken.” Dat heeft weer tot resultaat dat, uiteindelijk, in de eerste plaats de mensen weggaan die ook weg wíllen gaan. En die mensen maken daardoor ruimte voor anderen, die graag willen blijven.
Communicatie is het sleutelwoord bij een reorganisatie, vindt directeur Meijering van Allure. “Je moet de tijd nemen en je moet je mensen mee zien te krijgen. Dan lukt het.”

Pensioengolf
Een extra voordeel van een sociaal plan is dat de jonge leerkrachten hierdoor binnenboord kunnen blijven. Zij zijn namelijk hard nodig als vanaf 2015 de pensioengolf komt. Er gaan dan zoveel ouderen met pensioen dat die de krimp van de leerlingenaantallen ruimschoots opvangen. Zelfs in de regio Delfzijl, zegt directeur Henderikse van de stichting Marenland. “De krimp van de leerlingenaantallen gaat hier door tot 2030, maar we hebben nog slechts twee moeilijke jaren voor de boeg. Daarna gaan er zoveel mensen met pensioen dat we moeten oppassen dat we niet met onvervulde vacatures blijven zitten. En ik verwacht dat we die twee laatste moeilijke jaren ook zonder gedwongen ontslagen door gaan komen – dankzij het sociaal plan.”