In de algemene politieke beschouwingen heeft het CDA gepleit voor doordecentralisatie van de huisvestingsmiddelen van gemeenten naar schoolbesturen. In het rapport 'Een fris alternatief' hebben wij al eerder aangegeven dat er vele redenen zijn het huidige huisvestingsstelsel tegen het licht te houden.
Niet alleen blijkt jaarlijks dat gemeenten ruim 300 miljoen niet aan onderwijs(huisvesting) uitgeven, is de kwaliteit van de huisvesting van zeer matige kwaliteit, maar hebben schoolbesturen ook te maken met ingewikkelde procedures en de laatste tijd forse gemeentelijke bezuinigingen op het onderwijs in zijn algemeenheid en de huisvesting in het bijzonder. Dat de huisvesting inmiddels op de politieke agenda staat is dan ook een goede zaak. Eerder al pleitte de PvdA voor de instelling van een investeringsfonds.
De PO-Raad is voorstander van doordecentralisatie van het onderhoud aan de buitenkant van schoolgebouwen. Daarnaast pleit de PO-Raad voor een versterkt recht op doordecentralisatie voor die schoolbesturen die daadwerkelijk in staat zijn om de volledige zorg voor de huisvesting op zich te nemen. Op dit moment werkt de PO-Raad aan een concreet voorstel hoe dit vorm gegeven kan worden. Gelijktijdig wordt gewerkt aan de ontwikkeling van een kwaliteitsstandaard voor schoolbesturen. Ook de vorming van een investeringsfonds is een goed middel om te investeren in de kwaliteit van de huisvesting. De complexiteit van het huidige stelsel echter zal eerder een belemmering zijn voor een dergelijk fonds dan een stimulans. Immers een investeringsfonds zal zaken moeten doen met zowel gemeenten als schoolbesturen. Het is juist die complexiteit die de vorming van een dergelijk fonds bemoeilijkt.
De vorming van een investeringsfonds, aangevuld met een aanpassing van het stelsel door een vorm van doordecentralisatie zal dan ook een extra impuls betekenen voor de kwaliteit van de schoolgebouwen in Nederland.