Aankomend studenten hoeven vanaf 2017 niet meer nagelbijtend af te wachten of ze zijn ingeloot voor hun droomstudie. Ze hebben hun lot in eigen hand tijdens een speciale selectieprocedure waarbij wordt gelet op onder meer motivatie en aanleg.

Volgens minister Jet Bussemaker van onderwijs is selectie een betere methode om te bepalen of een student geschikt is voor een bepaald vak dan iemands cijferlijst. Scholieren met een 8 gemiddeld op hun eindexamen kunnen daarom straks geen aanspraak meer maken op rechtstreekse toelating.

Die regeling werd in 1999 ingevoerd, toen scholiere Meike Vernooij voor de derde keer werd uitgeloot voor de studie geneeskunde, terwijl ze een gemiddeld eindexamencijfer had van 9,6. Het leidde destijds tot veel ophef.

Maar hoge cijfers betekenen weliswaar een grotere kans op studiesucces, ze zeggen niets over aanleg, aldus de minister. "Nu is het gewoon een tombola, een kwestie van geluk. We gaan van een tombola naar een stelsel dat veel meer op motivatie is gericht", zei ze gisteren in het tv-programma 'Buitenhof'.

Alternatieve toelatingsprocedure
Theoretisch kan een scholier die voor zijn examens alleen maar achten, negens en tienen haalt, vanaf 2017 dus worden geweigerd voor de artsenopleiding. Al verwacht Bussemaker 'dat ook in de toekomstige situatie studenten met goede eindexamencijfers zullen worden toegelaten, mits ze voldoen aan andere voor de opleiding relevante criteria'.

Opleidingen met een numerus fixus mogen al sinds 2012 hun studenten selecteren via zo'n alternatieve toelatingsprocedure. Onder meer de geneeskundeopleidingen in Groningen en Nijmegen doen dat sinds vorig jaar. Veel andere opleidingen experimenteerden met selectie: voor een deel van de plaatsen konden aankomend studenten solliciteren, het andere deel werd toebedeeld via loting.

Omdat de selectieprocedures veel tijd, geld en organisatie vergen, mogen studenten zich straks per jaar voor maximaal twee toelatingsprocedures aanmelden. Dat moet vóór 15 januari van dat jaar. Voor geneeskunde, tandheelkunde, fysiotherapie en mondzorgkunde geldt zelfs dat ze maar bij één instelling mogen deelnemen aan de procedure, omdat die opleidingen extreem populair zijn. Afgelopen jaren meldden zich daar ongeveer drie keer zoveel studenten dan er plaatsen zijn.

Kansen spreiden
De Landelijke Studenten Vakbond is voorstander van selectie. Minder enthousiast is de bond over de eigen bijdrage van 50 tot 100 euro die opleidingen mogen gaan vragen voor de selectieprocedure. Ook vindt de LSVb dat studenten hun kansen moeten kunnen spreiden door op meerdere plekken een toelatingstoets te doen.

Universiteitenvereniging VSNU is al jaren voorstander van selectie. Volgens de universiteiten zorgt het voor een betere binding van studenten en een ambitieuzere studiecultuur.

Bijna één op de drie aankomend studenten - 56.000 studenten - meldde zich vorig jaar aan voor een lotingsstudie aan een hogeschool of universiteit. Niet alleen opleidingen als diergeneeskunde en tandheelkunde hebben een beperkt aantal plekken. Afgelopen jaren gold dat ook voor onder meer fysiotherapie, verpleegkunde, psychologie en rechten.