Het aandeel niet-westerse allochtone personeelsleden in het voortgezet onderwijs bedroeg in 2009 4,7 procent. Dat percentage ligt onder de doelstelling van 6,2 procent in 2011 die het vorige kabinet zich ten doel had gesteld.

Dat is jammer, zo meldt het Sectorbestuur Onderwijsarbeidsmarkt, omdat veelkleurigheid onder leerkrachten onder anderen kan bijdragen aan: de herkenbaarheid van het onderwijs voor allochtone leerlingen en hun ouders, de aanwezigheid van rolmodellen voor allochtone leerlingen, de competenties van autochtone leerlingen in het omgaan met diversiteit. Er valt dus nog veel winst te behalen.

Er is nog weinig bekend over de oorzaken voor de lage percentages van allochtone leerkrachten in het voortgezet onderwijs. In de maanden mei en juni 2011, doet het instituut voor Integratie en Sociale Weerbaarheid (ISW) van de Rijksuniversiteit Groningen, in opdracht van het Sectorbestuur Onderwijsarbeidsmarkt (SBO), daarom onderzoek naar de achterliggende redenen voor de uitstroom van allochtone leerkrachten uit het voortgezet onderwijs.

Het onderzoek bestaat uit het invullen van een online enqute. Daarnaast zal een aantal leerkrachten en ex-leerkrachten gevraagd worden om mee te werken aan een interview. Vertrouwelijke verwerking van de gegevens staat voorop.

Daarom willen het ISW graag benadrukken dat alle informatie die in het onderzoek wordt verzameld, vertrouwelijk wordt behandeld en dat de uiteindelijke conclusies van dit onderzoek op geen enkele wijze herleidbaar zijn naar specifieke personen.

Om gefundeerde resultaten te krijgen is het belangrijk dat er voldoende deelnemers mee doen aan het onderzoek.
Wanneer u wilt deelnemen aan dit onderzoek, leerkrachten kent die willen deelnemen aan het onderzoek of als u vragen heeft over dit onderzoek, klik dan hier voor meer informatie.

Nationale Onderwijsgids