De onderwijsplannen van het nieuwe kabinet

In het nieuwe coalitieakkoord van D66, VVD en CDA schuift onderwijs opvallend naar voren, als iets waar niet langer op wordt beknibbeld. Voor scholen en opleidingen is dat een duidelijke kentering na jaren waarin het woord bezuinigingen bijna standaard in elk beleidsstuk opdook.

Extra miljarden voor onderwijs

Volgens de berekeningen loopt de extra rijksbijdrage voor onderwijs op tot ongeveer anderhalf miljard euro per jaar, daarmee keert het budget grofweg terug naar het niveau van het vorige kabinet Rutte IV. Eerdere kortingen worden dus in feite teruggedraaid. De AOB spreekt van opluchting, het uitblijven van nieuwe bezuinigingen wordt door hun nadrukkelijk gekoppeld aan de gezamenlijke acties van onderwijsbonden en scholen.

Basisvaardigheden en praktijkgericht onderzoek

Op papier kiest het kabinet voor een aantal duidelijke onderwijsaccenten, namelijk: versterking van rekenen en taal, het aantrekkelijker maken van het leraarschap en meer ruimte voor praktijkgericht onderzoek in het hbo. Hogescholen krijgen, als de plannen worden uitgevoerd, structurele middelen voor bijscholing, iets waar zij al langer om vragen omdat de vraag naar een leven lang leren harder groeit dan de huidige wettelijke en financiële armslag.

Druk op sociale zekerheid en positie van leraren

Tegelijkertijd groeit in de bonden het ongemak over de sociale paragraaf van hetzelfde akkoord, waar de toon ineens heel anders is. De maximale duur van de WW wordt gehalveerd, uitkeringen voor arbeidsongeschiktheid gaan omlaag en de AOW leeftijd stijgt sneller mee met de levensverwachting. De AOB waarschuwt dat bijna negentigduizend leden hiermee direct geraakt kunnen worden, in een sector waar werkdruk, ziekteverzuim en langdurige uitval toch al een structureel probleem vormen.

Politieke onzekerheid

Omdat het om een minderheidskabinet gaat, heeft elk onderwijsvoorstel straks steun van andere partijen in de tweede kamer nodig. Dat maakt de uiteindelijke invulling van de miljarden nog enigszins wankel. Vakbonden en koepels willen daarom aan de voorkant aanschuiven bij de verdeling van de middelen, met prioriteiten als werkdrukverlaging, kwaliteitsverbetering in de basisvaardigheden en een gerichte aanpak van het lerarentekort. Voor scholen en opleidingen ontstaat zo een ingewikkeld beeld, instellingen krijgen meer financiële ademruimte en meer mogelijkheden om hun onderwijs en onderzoek te versterken, individuele professionals krijgen mogelijk minder zekerheid als zij uitvallen of hun baan verliezen.

VorigeWaarom lukt het niet om grote bestanden te mailen naar leerlingen?
VolgendeWerkbezoek staatssecretaris voor basisvaardigheden om een leven lang te ontwikkelen
Reacties (0)

Er zijn bij dit artikel nog geen reacties geplaatst

Laat een reactie achter