Het is weer voorbij, die mooie (?) zomer. Voor ons ligt een gloednieuw schooljaar. Een schooljaar met nieuwe leerlingen, nieuwe ervaringen en nieuwe uitdagingen. Maar ook een jaar waarin bestaande thema's weer terugkomen. Zoals sociale media. 80 procent van de Nederlandse kinderen tussen 9 en 16 jaar heeft minimaal 1 profiel op een sociaal netwerk. Maar wat moet je als leraar nu met dat gegeven?

Door Joris van Meel

Internet onthoudt alles

Zoek op internet naar de naam van je school en je vindt berichten van leerlingen die het even niet zo naar de zin hadden. Uit irritatie pakken zij de smartphone erbij en plempen hun vaak ongezouten mening op het internet. Soms zelfs met naam van hun school of leraar erbij. Leerlingen die zich online begeven, weten vaak niet dat hun tweets voor iedereen te lezen zijn. Zo kwam een vader er bij toeval achter dat intieme details van zijn leven via zijn tienerdochter het net op kwamen (lees het artikel In de ban van Twitter (Volkskrant, 27 april 2011).

Jongeren moeten fouten maken om te snappen dat het internet alles onthoudt. En ze moeten vervolgens op die fouten aangesproken worden om in de toekomst diezelfde fouten niet meer te maken. Of dat wel de verantwoordelijkheid is voor scholen? Ik denk mede. Scholen bereiden hun leerlingen voor op de toekomst. Én ze zijn beschermer van hun eigen merknaam.

Leerlingen online monitoren

Om je leerlingen aan te kunnen spreken op hun online-mediagedrag moet je weten wat zij op internet uitspoken. Je moet monitoren wat er op de verschillende online platforms gezegd wordt. In Australië huurden enkele scholen zelfs een particulier bedrijf in dat de Facebookprofielen van alle studenten in de gaten houdt (bron: techzine.nl). Om opvoedkundige redenen, maar ook om digitaal pesten tegen te gaan. Natuurlijk is niet iedereen het daarmee eens. Cameron Murphy van de NSW Council for Civil Liberties spreekt zelfs van een 'schandalige inbreuk op de privacy van studenten'.

Ik zie het probleem niet. Scholen moet leerlingen voorbereiden op de toekomst. En scholen moeten hun merknaam beschermen. Zij zijn het aan zichzelf en hun leerlingen verplicht in de gaten te houden wat er online gebeurt. Nadat ik als hbo-docent een bijeenkomst met mijn studenten gehouden had, zag ik in mijn twittertijdlijn dat een van hen getwitterd had dat 'er weer geen ruk aan' was. Een beschadiging van mijn naam (hoewel die niet genoemd werd) en de naam van de school waar ik werkte. Maar ook een beschadiging van zijn persoonlijke 'merk'. Want welk bedrijf neemt nu iemand aan die zonder na te denken negatieve blubber het internet op plempt?

Jongeren voorbereiden op hun toekomst. Dat is de taak van alle scholen. En daar hoort ook bij dat zij weten hoe zij zich online moeten gedragen. Dus zie je dat leerlingen online structureel de fout ingaan? Breng dat dan offline ter sprake. Want het virtuele leven is net het echte leven. Weten hoe je concreet met sociale media aan de slag gaat? Lees dan mijn blogpost Hoe scholen om moeten gaan met sociale media.



Joris van Meel is adviseur online communicatie bij Ravestein Zwart en communitymanager van onderwijs-communicatie.nl.